Minister SZW: tempo aanpassing regelingen verzekeraars en PPI’s blijft een aandachtspunt
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de vijfde voortgangsrapportage van de pensioentransitie naar de Tweede Kamer gezonden. Hierin geeft de minister aan dat de uiterste transitiedatum blijft staan op 1 januari 2028. De Minister geeft aan dat steeds meer werkgevers met een regeling bij een verzekeraar of PPI, de regeling in lijn hebben gebracht met de Wtp.
Tegelijkertijd moet er nog veel gebeuren en moeten alle zeilen worden bijgezet in het aanpassingstraject. Op 1 januari 2026 was 26 % omgezet bij verzekeraars en 45 % bij PPI’s. Per deze datum nog circa 33.000 regelingen bij verzekeraars en nog 11.000 regelingen bij een PPI om te zetten. Een piek aan omzettingen wordt verwacht per 1 januari 2027 en per 1 januari 2028. De Minister wijst ook op een verhoogde druk voor de uitvoeringspraktijk in de laatste kwartalen van de transitieperiode, wat het risico verhoogt voor knelpunten bij adviseurs en uitvoeders.
Met het oog op deze situatie werkt het Ministerie samen met VNO-NCW, FNV, het Verbond en Adfiz aan een tijdige activatie van werkgevers in het Midden en Kleinbedrijf. De Minister wijst daarbij op de inzet die partijen plegen om werkgevers te activeren. In dit kader benoemt de Minister de urgentiebrief die Adfiz samen met VNO-NCW/MKB-NL ter beschikking heeft gesteld.
De Minister geeft verder aan dat in de resterende transitieperiode werkgevers die nog onvoldoende voortgang boeken, stapsgewijs intensiever worden benaderd. In aanvulling op het reguliere traject via de pensioenadviseurs, hebben verzekeraars en PPI’s zich gecommitteerd om uiterlijk in het voorjaar van 2027 rechtstreeks contact op te nemen met werkgevers die nog onvoldoende stappen hebben gezet. Het betreft vooral werkgevers waarvan het contract nog na 1 januari 2028 zou doorlopen en werkgevers met een contract van onbepaalde tijd.
De betreffende werkgevers worden expliciet gewezen op de ingrijpende gevolgen van een niet tijdige aanpassing van het pensioencontract. Namelijk, dat de pensioenuitvoerder het contract per 2028 niet kan voortzetten, met als gevolg dat het nabestaanden- en arbeidsongeschiktheidspensioen voor de werknemers niet langer verzekerd is. Vervolgens worden kort daarna (als er geen voortgang wordt geboekt) ook de werknemers geïnformeerd over de gevolgen van een niet tijdige aanpassing, zodat zij het gesprek met de werkgever nog kunnen aangaan.
Omdat het tempo van de omzettingen nadrukkelijk een aandachtspunt blijft van regelingen bij een verzekeraar of PPI, wordt de voortgang vier keer per jaar gemonitord. Dit moet een actueel beeld van de omzettingen geven en maakt zo nodig het treffen van aanvullende maatregelen mogelijk.
-
Bettie Hoogsteen
b.hoogsteen@adfiz.nl033 - 46 43 464Aandachtsgebieden: Pensioen, HR, Privacy, SWO beoordeling
Bettie Hoogsteen
Senior adviseur public affairs en beleid