Ga naar hoofdinhoud

Jonge huurders zonder ORV lopen risico hun woning te verliezen bij overlijden partner

Verbond Sml

Het Verbond van Verzekeraars publiceert een onderzoek waaruit blijkt dat ruim de helft van de Nederlandse gezinnen onder de 40 jaar zonder overlijdensrisicoverzekering (ORV) financieel zeer kwetsbaar is als een partner overlijdt. Vooral jonge nabestaanden in de particuliere huursector lopen het risico hun woning te moeten verlaten na overlijden van de partner. Het rapport is gebaseerd op een onderzoek waaraan meer dan tweeduizend respondenten deelnamen. 

Van alle gezinnen zonder volledige ORV-dekking valt 22% in de hoogrisicogroep. Dat betekent dat nabestaanden zonder externe hulp of extra inkomsten vrijwel zeker niet in hun huidige woning kunnen blijven. Bij particuliere huurders ligt dat percentage op 60% – een dramatisch hoog cijfer. Slechts één op de drie gezinnen met een particuliere huurwoning heeft een ORV afgesloten, terwijl de gemiddelde huur met €1.830 per maand zwaar drukt op het gezinsbudget. Van de huurders zonder verzekering heeft driekwart geen andere financiële buffers zoals spaargeld, beleggingen of een adequaat nabestaandenpensioen. 

Ook bij woningeigenaren is het beeld zorgwekkend. Van de ondervraagde eigenaren geeft 36% aan geen ORV te hebben. Van deze groep loopt bijna 30% een hoog risico omdat ook andere financiële buffers ontbreken. Verbondsdirecteur Harold Herbert maakt zich zorgen dat dit risico bij het sluiten van een hypotheek niet altijd afdoende aan de orde wordt gesteld: "Je wilt toch echt voorkomen dat je bij het wegvallen van je partner je woonlasten niet meer kan betalen." 

Het onderzoek toont aan dat het vaak geen bewuste keuze is om geen ORV af te sluiten. Vooral respondenten onder de 40 jaar geven als voornaamste redenen om geen ORV af te sluiten: "nog niet over nagedacht". Ook bestaat veel onbekendheid over de kosten. Ongeveer 19% van de respondenten geeft aan dat ze de premie te hoog vinden. Maar vooral jonge mensen kunnen zich vaak verzekeren voor een aanzienlijke uitkering tegen een premie van een paar tientjes per maand. 

Het probleem: consumenten die bewust of onbewust geen advies zoeken 
Aan mensen die geen ORV hebben is gevraagd wat de voornaamste reden(en) zijn om geen ORV af te sluiten. Hier komen antwoorden uit als: “pas als ik een lening afsluit”, “pas als ik een woning ga kopen”, “nog nooit van ORV gehoord” en “dacht dat ORV alleen was bij koopwoning“. Maar ook “weet niet hoe/waar ORV afsluiten”, “advies gekregen om dit niet te doen” en “nooit geadviseerd om ORV af te sluiten”. Deze reacties duiden erop dat veel mensen geen financieel adviseur hebben gesproken. 

Bij woningeigenaren sluit 58% een ORV af bij het afsluiten van de hypotheek – dankzij het adviesgesprek dat daarbij verplicht is. Bij huurders ontbreekt dat moment vaak volledig: slechts 20% sluit een ORV af bij samenwonen en 22% bij het krijgen van kinderen. 

Dit onderstreept dat financiële kwetsbaarheid ontstaat doordat veel consumenten zich bij belangrijke life events niet voldoende laten adviseren. Een hypotheekadviseur stelt de vraag naar overlijdensrisico standaard. Maar wie helpt de jonge huurders die samengaan wonen of kinderen krijgen? Wie wijst hen op de risico's als er geen verplicht adviesmoment is? 

Het Verbond is in overleg met onder meer de Consumentenbond om het bewustzijn van dit risico te vergroten. Wij juichen dat toe, maar benadrukken dat bewustwording alleen niet voldoende is. Consumenten moeten weten waar ze terecht kunnen voor advies en er moet meer aandacht komen voor financiële planning bij life events buiten de hypotheek om. Gemeenten en verhuurders zouden bij het aangaan van een huurcontract kunnen wijzen op het belang van advies van een onafhankelijke financieel adviseur.