Interdepartementaal Beleidsonderzoek: WIA-stelsel loopt vast
Het Interdepartementale Beleidsonderzoek (IBO) 'Werk aan de WIA – naar een stelsel dat weer werkt' bevestigt dat het arbeidsongeschiktheidsstelsel vastloopt door voornamelijk problemen bij de uitvoering. De instroom in de WIA stijgt, de wachttijden bij UWV lopen verder op als gevolg van het tekort aan verzekeringsartsen. De ambtelijke onderzoekers concluderen dat doorgaan op dezelfde weg geen optie meer is: zonder aanvullende maatregelen kunnen de achterstanden bij UWV oplopen tot 190.000 wachtenden in 2030 met een gemiddelde wachttijd van ongeveer drie jaar. In het advies worden forse voorstellen gedaan om zowel de uitvoering als de wetgeving aan te pakken.
Het rapport is een ambtelijk onderzoek dat onafhankelijk van de politiek is uitgevoerd door meerdere ministeries, UWV, CPB en SCP. Aanleiding voor het IBO zijn de snel stijgende WIA-instroom, de structurele personeelstekorten bij UWV en de oplopende achterstanden bij sociaal-medische beoordelingen. Dit rapport is naar de Tweede Kamer gestuurd en dient als input voor het nieuwe kabinet.
Voorstellen
De rode lijn uit het IBO is helder: er zijn ingrijpende aanpassingen nodig in zowel de uitvoering als de regels. De onderzoekers adviseren om sociaal-medische beoordelingen niet langer uitsluitend door verzekeringsartsen te laten doen, maar taken structureel te verschuiven naar andere professionals. Wij pleiten er al langer voor om bij het beoordelen meer gebruik te maken van professionals uit het private werkveld. Vanuit private marktpartijen wordt al tijden aangeboden om op allerlei manieren hulp te bieden bij het wegwerken van beoordelingsachterstanden.
Een ander voorstel is om verzoeken tot herbeoordeling alleen nog te honoreren als daar een stevig onderbouwde aanvraag achter zit. Belangrijk vinden wij hierbij is wel dat er een objectief beoordelingskader komt en ook wordt gemotiveerd waarom verzoeken tot herbeoordeling eventueel worden afgewezen. In praktijk blijken herbeoordelingen vaak tot een andere eindbeoordeling te leiden, dus het is belangrijk dat het middel van herbeoordelingen goed toegankelijk blijft.
Afschaffing IVA
Het meest in het oog springende voorstel is om de IVA-uitkering voor nieuwe gevallen af te schaffen en deze groep voortaan onder te brengen in de WGA. Daarmee zou de complexe toets op duurzaamheid verdwijnen en zouden er minder beoordelingen nodig zijn, wat de druk op UWV moet verlichten.
Wij begrijpen deze denkrichting, maar zijn het hier niet mee eens. Het onderscheid tussen volledig en duurzaam arbeidsongeschikten (IVA) en gedeeltelijk of volledig maar niet duurzaam arbeidsongeschikten (WGA) is essentieel voor de menselijke maat. Als er geen sprake meer is van de IVA, is het moeilijker voor het UWV om onderscheid te maken tussen volledig en duurzaam arbeidsongeschikten en (gedeeltelijk) arbeidsongeschikten met herstelmogelijkheden. Het ontbreken van deze duidelijkheid zal, zo verwachten wij, leiden tot een stijging van het aantal herbeoordelingsaanvragen bij UWV en dus tot het vergroten van de werkdruk op UWV.
Loondoorbetaling bij ziekte en preventie
Tegelijk benadrukt het IBO dat de loondoorbetalingsplicht van twee jaar juist níét moet worden ingekort, omdat die verplichting effectief blijkt te zijn om verzuim en WIA-instroom te beperken. “De huidige loondoorbetalingsplicht voor (kleine) werkgevers is één van de sterkste elementen van het stelsel. Het heeft eerder bijgedragen aan een forse daling van de WIA-instroom”, aldus het rapport.
Verder wordt sterk ingezet op betere preventie en re-integratie: werkgevers zouden duidelijker moeten weten wat er van hen verwacht wordt en de hele keten – van bedrijfsarts tot UWV – moet eenvoudiger en beter gaan samenwerken.
Hoe dit zich verhoudt tot onze eerdere aanbevelingen
In onze contacten met het ministerie van SZW over de toekomst van het arbeidsongeschiktheidsstelsel hebben wij onze steun uitgesproken voor de doelen eenvoud, menselijke maat, uitvoerbaarheid en betaalbaarheid. Maar wij hebben ook expliciet gewaarschuwd voor het loslaten van een belangrijk en succesvol onderdeel van het huidige stelsel: het hybride karakter van de WGA.
Wij benadrukken dat het hybride WGA-stelsel met eigenrisicodragerschap juist een kracht is: het biedt werkgevers en hun adviseurs mogelijkheden om te investeren in preventie, re-integratie en maatwerkbegeleiding. In de praktijk zien onze leden dat eigenrisicodragers, samen met verzekeraars en private dienstverleners, aantoonbaar meer doen om langdurig verzuim en WIA-instroom te voorkomen dan wanneer alles volledig publiek wordt afgewikkeld. Dat samenspel tussen publieke uitvoering en private expertise moeten we koesteren, niet afbreken.
Vervolg
Het IBO is een ambtelijk advies en ligt nu bij de Tweede Kamer. Het nieuwe kabinet moet een politieke keuze maken: welke aanbevelingen worden overgenomen, welke niet, en hoe wordt de balans gevonden tussen uitvoerbaarheid, betaalbaarheid én een fatsoenlijke bescherming van werknemers die echt langdurig uitvallen.
Vanuit Adfiz volgen wij de ontwikkelingen kritisch. Wij begrijpen de noodzaak om de problemen bij UWV en de achterstanden in de beoordeling zo snel mogelijk op te lossen. Maar wijzigingen in het arbeidsongeschiktheidsstelssel moeten worden ingegeven door daadwerkelijke kwalitatieve verbetering en niet door problemen in de uitvoering.