Een vat vol tegenstrijdigheden
Vraag een willekeurige communicatieprofessional wat maakt dat een boodschap bij je doelgroep blijft hangen en hij zal je vertellen dat het belangrijk is dat je je doelgroep kent en weet hoe hem aan te spreken. Dat je boodschappen duidelijk, helder en relevant zijn voor de ontvanger. Dat je je boodschappen goed doseert, dus kort en bondig houdt. Dat je ze regelmatig herhaalt. En dat ze consistent en dus niet tegenstrijdig zijn. Ik benijd ze dan ook niet; al die consumenten die – de oproep van de overheid indachtig – overwegen om hun woning te verduurzamen. Want wat deze mensen de laatste tijd van de overheid aan tegenstrijdige boodschappen over zich heen hebben gekregen, is haast niet te bevatten.
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in de komende 10 jaar 1,5 miljoen bestaande woningen moeten worden verduurzaamd en in 2050 moeten dat er 7 miljoen zijn. Om dit proces aan te jagen beweerde de overheid dat het treffen van energiebesparende maatregelen zich vaak snel terugverdient; je zou welhaast gek zijn om het niet te doen, zo was de teneur. Maar toen presenteerde in augustus het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) van diezelfde overheid ineens een rapport waaruit blijkt dat het energieneutraal maken van woningen zich in veel gevallen helemaal niet terugverdient. “Uit onderzoek naar de kosten en opbrengsten van enkele verduurzamende maatregelen die eigenaren van rijwoningen zelfstandig kunnen nemen concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving dat woonlastenneutraliteit daarbij vaak niet haalbaar is,” zo viel te lezen. Daar ben je mooi klaar mee als consument, want is woningverduurzaming nu een no-brainer of iets wat financieel helemaal niet interessant is?
Een andere tegenstrijdigheid in de boodschappen op dit dossier is het belang dat wordt toegedicht aan advies. In zijn Kamerbrief van december 2019 benadrukte minister Knops dat er bij woningverduurzaming een belangrijke rol is weggelegd voor adviseurs. Iets wat door het PBL werd onderschreven. Want in sommige gevallen kunnen bepaalde verduurzamingsmaatregelen namelijk wél lonend zijn. Maar dan moet de consument zich goed laten voorlichten door een verduurzamingsadviseur en de financiële consequenties van deze maatregelen laten doorrekenen door een financieel adviseur. Consumenten kunnen dus niet zonder gedegen advies over verduurzaming én de financiering hiervan. Klare taal, lijkt me, van dit nationale instituut dat is opgericht om een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de politiek-bestuurlijke afweging.
Desondanks is het voor consumenten mogelijk om na een kennis- en ervaringstoets zonder advies een bedrag tot € 25.000 bij te lenen voor woningverduurzaming. Daarvan kun je je al afvragen in hoeverre dit in het belang is van de consument. Maar nu wil het ministerie van Financiën zelfs deze laatste vorm van consumentenbescherming wegnemen ten faveure van het bereiken van haar verduurzamingsdoelen. Er is niemand in onze branche die niet begrijpt dat dit ontzettend onverstandig zou zijn. En terwijl wij denken dat Financiën zich nog beraadt op alle bezwaren die wij, het Verbond, AFM en veel andere partijen hebben geuit in onze consultatiereacties, vertelt minister Ollongren doodleuk dat de afschaffing per 1 januari een feit is. Ook met de tegenstrijdigheden over het belang van advies ben je als consument mooi klaar. Want vind de overheid nu wel of niet dat je als consument zonder advies zorgeloos langdurige financiële verplichtingen kunt aangaan?
Woningverduurzaming is supercomplexe materie. En tegenstrijdige boodschappen gaan ons niet helpen de doelen te bereiken die we nastreven. Stop daarom met verwarring zaaien en zorg dat de consument duidelijk, realistisch en onderbouwd aan de slag gaat met woningverduurzaming. Onderken dat de adviseur daarbij een cruciale rol speelt. De adviseur is namelijk degene die consumenten in beweging weet te krijgen om belangrijke keuzes daadwerkelijk te maken in plaats van ze op de lange baan te schuiven. Als je als overheid de adviseur buitenspel zet gaan consumenten niet méér, maar juist minder doen.