Druk op aflossingsvrij neemt toe: balans tussen risicobeheersing en zorgplicht essentieel
DNB voert de druk op geldverstrekkers op om hun portefeuilles aflossingsvrije hypotheken actief af te bouwen. De toezichthouder signaleert risico’s en stuurt aan op strengere voorwaarden en prijsprikkels. Wij zijn hier erg bezorgd over. Onze boodschap is helder: wij zien geen enkele valide reden om aflossingsvrij nog verder te beperken. Daarnaast mag deze beweging in geen geval leiden tot een situatie waarin een financieel adviseur moet kiezen tussen passend advies en de druk van toezichthouders om geen aflossingsvrije hypotheek af te sluiten.
Toezichthouders scherpen toon aan
Waar de ECB in het dossier ‘aflossingsvrij' vooral druk uitoefende op de grootbanken, zien we nu dat DNB deze lijn doortrekt naar de gehele markt, inclusief verzekeraars en kleinere geldverstrekkers. In een recent persbericht stelt DNB dat instellingen extra risico’s moeten inprijzen en een betere balans moeten vinden tussen het volume aflossingsvrij en het eigen vermogen.
In de praktijk betekent dit dat geldverstrekkers maatregelen zullen (moeten) nemen om nieuwe aflossingsvrije hypotheken minder aantrekkelijk te maken en hun bestaande aflossingsvrije portefeuille eigenlijk moeten afbouwen. Er zijn verschillende mogelijkheden voor geldverstrekkers om dit te realiseren. Zo zou er een lager maximum percentage kunnen worden gehanteerd voor het aandeel aflossingsvrije hypotheek ten opzichte van de totale hypotheek. Vorige week kondigden Rabobank en dochter Obvion aan dat zij voor deze optie kiezen.
Ook kunnen geldverstrekkers denken aan nog hogere renteopslagen voor aflossingsvrij of het beperken van de verstrekking van aflossingsvrije hypotheken tot specifieke doelgroepen. In het uiterste geval zouden geldverstrekkers aflossingsvrije hypotheken uit hun productassortiment kunnen halen. Wij gaan er overigens wel vanuit dat de toegenomen toezichthoudersaandacht op dit dossier geen gevolgen heeft voor de condities en het ‘meenemen’ van reeds bestaande aflossingsvrije hypotheken.
Vaker en diepgaander onderzoek naar de toekomstige betaalbaarheid?
DNB schrijft in het persbericht: “Omdat de waarde van de woning van belang is voor de terugbetaling van de lening is het essentieel dat instellingen beschikken over voldoende informatie over de staat en waarde van het onderpand. Ook is informatie over de toekomstige betaalbaarheid van belang.” In praktijk betekent dit dat de toezichthouder wil dat geldverstrekkers vaker en diepgaander informatie inwinnen over de toekomstige betaalbaarheid bij bestaande klanten. De inzet van financieel adviseurs bij dit extra onderzoek is essentieel. Maar dan moet hier ook een eerlijke vergoeding tegenover staan. Er kan niet verwacht worden dat adviseurs deze intensivering van werkzaamheden 'om niet' uitvoeren.
De spagaat van de adviseur
Verder vragen wij hierbij ook aandacht voor de mogelijke adviesspagaat. De kans bestaat dat er spanning ontstaat tussen de druk op afbouw van aflossingsvrij en de individuele zorgplicht van de adviseur. Als een (gedeeltelijk) aflossingsvrije hypotheek op basis van het klantprofiel en de wensen van de klant het passende advies is, mag en kan een adviseur geen annuïteit adviseren, enkel omdat de toezichthouder de volumes aflossingsvrij wil drukken. Het belang van de klant blijft leidend in het advies. Dit geldt voor zowel nieuwe adviestrajecten als voor adviestrajecten die worden uitgevoerd in het kader van onderzoek naar toekomstige betaalbaarheid!