Onze reactie op nieuwe eind- en toetstermen voor periode 1 april 2020 – 31 maart 2021

Nieuws
geplaatst op 6-11-2019  

Samen met de brancheorganisaties verenigd in CANON, hebben we gereageerd op het conceptadvies voor nieuwe PE-actualiteiten voor het nieuwe PE-jaar vanaf 1 april 2020. We hebben bezwaar gemaakt tegen het verder oprekken van de criteria voor het vaststellen van PE-ontwikkelingen. Ook hebben we erop gewezen dat het opnemen van dezelfde PE-ontwikkelingen in meerdere beroepskwalificaties voorkomen moet worden. 

In het adviesdocument voor PE-ontwikkelingen vanaf 1 april 2020 benoemt het CDFD als criterium ‘nieuwe jurisprudentie’. We stellen vast dat hiermee de reikwijdte van de ontwikkelingen waarover PE-examens gaan, opnieuw wordt opgerekt. Tot op heden hadden PE-ontwikkelingen uitsluitend betrekking op ‘opmerkelijke jurisprudentie die de vaste jurisprudentie doorbreekt’. Het toetsbaar maken van álle nieuwe jurisprudentie leidt per definitie tot toetsing van rechtsopvattingen die niet nieuw zijn en waarover een adviseur al eerder examen heeft afgelegd (via initiële of PE-examens). We wijzen erop dat het steeds opnieuw toetsen van oude kennis/vakbekwaamheid niet bijdraagt aan de professionalisering van de beroepsgroep. 

Ook hebben we gevraagd om de voorgestelde ontwikkelingen en de daarop gebaseerde toetstermen nog eens kritisch te bezien ten aanzien van het punt van ontwikkelingen die in meerdere modules voorkomen. Dit leidt immers tot het risico van dubbele toetsing over een en dezelfde ontwikkeling bij het afleggen van een PE-examen. Enkele voorbeelden hiervan hebben we benoemd. 

We vragen het Ministerie van Financiën rekening te houden met onze bezwaren bij het definitief vaststellen van de definitieve eind- en toetstermen vanaf 1 april 2020. Onze gezamenlijke reactie vind je hier. 

 

Categorien: Vakbekwaamheid