Zadel werkgevers niet op met de kosten voor inkomende waardeoverdrachten

Persberichten
geplaatst op 14-5-2019  

Adfiz roept de Stichting van de Arbeid, het Verbond van Verzekeraars en de Pensioenfederatie op om de kosten van inkomende waardeoverdrachten van kleine pensioenen die zijn ontstaan door een collectieve beëindiging van de uitvoeringsovereenkomst niet in rekening te brengen bij de werkgever. Net zoals ook wordt voorgesteld voor wat betreft de kosten voor uitgaande waardeoverdrachten.

Aanstaande donderdag 16 mei vindt bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid overleg plaats overeen aanvullend voorstel op de Wet waardeoverdracht klein pensioen, die per 1 januari 2019 is ingevoerd. De waardeoverdracht van kleine pensioenen die ontstaan zijn door een collectieve beëindiging van de uitvoeringsovereenkomst staat als knelpunt op de agenda. Dergelijke kleine pensioenen kunnen onder de huidige wetgeving namelijk niet automatisch worden overgedragen. Hierdoor moeten oude pensioenuitvoerders tot de pensioendatum tegen relatief hoge administratiekosten de kleine pensioenen blijven uitvoeren. Adfiz begrijpt de onwenselijkheid van deze situatie en steunt dan ook de wens om hier verandering in te brengen.

Voor uitgaande waardeoverdrachten van kleine pensioenen die ontstaan zijn door een collectieve beëindiging van de uitvoeringsovereenkomst stellen de drie partijen voor om geen kosten in rekening te brengen bij de werkgever. Naar onze mening een logisch voorstel aangezien niet de werkgever, maar de pensioenuitvoerders hier baat bij hebben. Echter, voor inkomende waardeoverdrachten van deze pensioenen laten de drie partijen deze redenering los. Hiervoor geven zij als reden dat 1) van bijbetalingen niet of nauwelijks sprake zal zijn gelet op de huidige rentestand en 2) dat het voor de ontvangende verzekeraar niet mogelijk is te achterhalen hoe het kleine pensioen is ontstaan.

Adfiz vindt het niet uitlegbaar om werkgevers de rekening te presenteren voor het vereenvoudigen van de administraties van pensioenuitvoerders. Ook het argument dat de huidige rentestand geen aanleiding geeft voor zorgen, zegt niets over de mogelijke financiële risico’s die werkgevers in de toekomst kunnen lopen. Want wat als de rentestanden tegen alle verwachtingen in toch stijgen? Partijen schrijven hierover in hun voorstel om dan opnieuw met elkaar in overleg te treden. Waarom dit dan nu niet in één keer goed regelen?

Categorien: Pensioenen