Maandcolumn: Heiligt het doel wel altijd de middelen?

Nieuws
geplaatst op 6-4-2021  

Proportionaliteit.

Voor medici een onderwerp waarmee ze – al dan niet bewust – met grote regelmaat te maken krijgen. Een onderwerp waar een arts niet lichtzinnig mee omgaat. Een zware operatie met een kleine kans op succes kan namelijk buitenproportioneel zijn als het verwachte voordeel van de behandeling niet in verhouding staat tot het verwachte nadeel voor de patiënt. Voor artsen heiligt het doel dus zeker niet altijd de middelen.

Hoewel van een geheel andere orde zouden dergelijke proportionaliteitsafwegingen ook best wat vaker gemaakt mogen worden als het gaat om het opstellen van regelgeving voor de financiële sector. Neem nu de Wwft. Dát het nodig is dat er regels zijn om witwassen en de financiering van terrorisme te voorkomen, stel ik niet ter discussie. Integendeel, het is juist goed dat die regels er zijn, het is goed dat er een verantwoordelijkheid zo dicht mogelijk bij de klant ligt om alert te zijn op schimmige transacties en het is goed dat daar nauwgezet op wordt gecontroleerd door de toezichthouder.

Maar, ‘come on’! Hoe proportioneel is het om van die ene adviseur in, pak 'm beet, Appelscha, en die voornamelijk inwoners en plaatselijke middenstand tot zijn clientèle mag rekenen, te eisen dat hij bij elke uitkering aan de groenteboer tegenover hem nagaat of deze inmiddels niet in het UBO-register is opgenomen? En hoe proportioneel is het om van eenpitters en kantoren met een relatief klein team te eisen een Wwft vragenlijst in te vullen waar ze tijden mee bezig zijn en waarin ze tot in detail moeten aangeven hoe ze ervoor zorgen dat ze de wet naleven? Ik kan je vertellen, daar liggen ze wakker van, letterlijk!

En begrijp me niet verkeerd, niet het feit dát ze moeten aantonen en verantwoorden hoe ze ervoor zorgen dat ze de witwasregels naleven, is waarvan ze wakker liggen, maar de mate waarin dat moet gebeuren. En het totale gebrek aan nuance daarbij vanuit de toezichthouder, die zich op het standpunt stelt dat ze slechts uitvoering geeft aan de regels. Ja, voor de compliancespecialisten van de grote advieskantoren, verzekeraars en banken mag dit dan wel te doen zijn, alhoewel. Maar dat is het in ieder geval niet voor de eenpitters en kantoren die met een relatief klein team continu bezig zijn om hun klanten, die ze vaak persoonlijk kennen, van zo goed mogelijk financieel advies te voorzien.

Om adviseurs toch enige guidance te bieden hebben we in 2019 daarom zelf een – inmiddels al enkele malen herziene – handleiding opgesteld die enerzijds helpt in te schatten hoe ver je moet gaan in de risicobeoordeling van de klant. En anderzijds handvatten biedt om de witwasregelgeving goed na te leven. En organiseerden we afgelopen maand het webinar ‘Wwft: van complexe regelgeving naar werkbare kantoorpraktijk’. Een webinar waarvoor – hou je vast – meer dan 300 (!) leden en niet-leden zich hadden aangemeld en waarvoor de op dit dossier betrokken Adfiz-collega nog steeds bezig is met de afhandeling van alle vragen die tijdens dit webinar zijn gesteld.

Ergens gaat er dus iets niet helemaal goed. Het is zonneklaar dat de administratieve druk de advieskantoren boven het hoofd groeit. Als we op deze manier doorgaan, drukken we de kleinere advieskantoren de markt uit. Is dat wat we willen? Onafhankelijk financieel adviseurs zijn al jaren de belangrijkste factor als het gaat om ervoor te zorgen dat burgers en bedrijven financieel zelfredzamer en weerbaarder worden. Zorg er dan ook voor – door meer proportionaliteit – dat ze deze rol goed kunnen invullen. Met hagel schieten mag dan wel verleidelijk zijn omdat het de kans vergroot dat je doel treft, maar het vergroot ook de kans op onbedoelde neveneffecten en -schade. En dan vraag ik me af: heiligt het doel wel altijd de middelen?

PS: Heb jij je al aangemeld voor onze tweede online Adfiz Platformbijeenkomst? Deze organiseren we volgende week woensdag op 14 april. Aanmelden kan hier. Het volledige programma vind je daar ook terug.

Categorien: Vereniging