Advies STAR nabestaandenpensioen in lijn met onze visie: uniform nabestaandenpensioen op risicobasis

Nieuws
geplaatst op 22-6-2020  

Vorige week heeft de Stichting van de Arbeid advies uitgebracht hoe het stelsel voor nabestaandenvoorzieningen verbeterd kan worden. Minister Koolmees heeft begin vorig jaar om dit advies gevraagd omdat het huidige stelsel ingewikkeld is geworden en tot schrijnende situaties kan leiden doordat deelnemers zich onvoldoende bewust zijn van de financiële gevolgen van overlijden van de partner.  

Het advies van de STAR is in lijn met de visie die wij in ons positionpaper ‘Vernieuwd stelsel voor toereikende pensioenen’ hebben verwoord. In dit document hebben we de aandacht gevestigd op de problematiek van het nabestaandenpensioen en een nabestaandenpensioen op risicobasis bepleit op basis van het salaris van een deelnemer. Het advies van de STAR is in lijn met deze visie.  

STAR stelt voor de 3 onderdelen van het partnerpensioen de volgende oplossingsrichtingen voor: 

Nabestaandenpensioen bij overlijden vóór de pensioendatum 
Er komt één type nabestaandenvoorziening. De hoogte hiervan wordt gebaseerd op het (gehele) salaris in plaats van op de pensioengrondslag en wordt uniform uitgevoerd op basis van risicodekking. Het partnerpensioen bedraagt maximaal 50 % van het (gehele) salaris. De basis voor de uitkering is een levenslange uitkering. De hoogte van het nabestaandenpensioen is verder niet meer afhankelijk van het arbeidsverleden of het aantal jaren dat een deelnemer bij de huidige werkgever heeft doorgebracht. Daarnaast kan bij einde dienstverband de risicodekking nog een aantal maanden worden voortgezet en loopt de dekking bij een WW-uitkering gewoon door. In de uitkeringsfase bestaat de mogelijkheid voor maatwerk (bijvoorbeeld een hoog-laagconstructie). Verder kan overwogen worden een nabestaandendekking vrijwillig voor te zetten bij de (oude) pensioenuitvoerder. Beoogd wordt dat de het nabestaandenpensioen in algemene zin niet versoberd wordt en ook niet leidt tot een kostenstijging. 

Voor deelnemers die nu een partnerpensioen hebben op opbouwbasis, blijft het opgebouwde kapitaal beschikbaar en ook de mogelijkheid tot uitruil ervan naar ouderdomspensioen op de pensioendatum. Deelnemers zullen bij de overgang naar een nieuw stelsel geen nadelige effecten mogen ondervinden. 

Nabestaandenpensioen bij overlijden ná de pensioendatum 
Voorgesteld wordt de regeling die in de praktijk nu ook veel voorkomt te handhaven; een uitkering ter hoogte van 70 % van het ouderdomspensioen  

Wezenpensioen 
Voorgesteld wordt om voor het wezenpensioen een vaste eindleeftijd te hanteren: 21 of 25 jaar of ergens daar tussenin. Een overweging om voor de leeftijd 25 te kiezen is het feit dat de meeste jongeren op die leeftijd hun studie hebben afgerond. Gepleit wordt verder voor het verhogen van de fiscale ruimte voor het wezenpensioen tot 20 % (half wezen) en 40 % (volle wezen) van het ouderdomspensioen. 

In het uitgebreide adviesrapport heeft STAR de drie basis varianten uitgewerkt voor een nabestaandenvoorziening. De STAR geeft aan dat deze varianten echter geen draagvlak bleken te hebben bij de achterbannen van werkgevers- en werknemersorganisaties. Wel hebben ze bijgedragen aan het uiteindelijke advies. De stichting wijst erop dat de definitieve keuze voor een verbetering van het nabestaandenpensioen zal moeten worden betrokken bij de hervorming van het pensioenstelsel. 

 

Categorien: Pensioenen